Wiskunde

Wiskunde A-B-C-D

In de bovenbouw heb je in de profielen de keuze tussen drie soorten wiskunde: Wiskunde A, Wiskunde B en Wiskunde C. Wiskunde C kan alleen in het profiel C&M worden gekozen en wiskunde B is verplicht in het profiel N&T. Verder is het mogelijk om Wiskunde D in het vrije deel te kiezen (alleen in combinatie met wiskunde B), of in het profiel N&T als profielkeuzevak (in plaats van biologie).

Er is een duidelijke hiërarchie tussen de drie soorten: wiskunde C is makkelijker dan wiskunde A en dat is weer makkelijker dan wiskunde B. Je mag dus altijd voor een “hogere” soort wiskunde kiezen. Sterker nog: als je goed bent in wiskunde (bijvoorbeeld in klas 3 minimaal een 7) en je er niet tegenop ziet om je wat extra in te spannen, dan kun je het beste kiezen voor wiskunde B. Dat geeft extra mogelijkheden voor vervolgstudies en biedt een betere basis. Aan de andere kant: als je nu niet zo goed scoort en je hebt moeite met je motivatie voor het vak, overschat jezelf dan niet.

Een solide basis in de wiskunde is niet alleen belangrijk voor een bèta-studie, het is ook heel belangrijk voor tal van gamma-studies, zoals bijvoorbeeld economie. Als je het aankunt, geeft een keuze voor wiskunde B met wiskunde D uitstekende mogelijkheden voor iemand die verder wil in de economie.

Wiskunde A

Wiskunde A kan gekozen worden in de profielen C&M, E&M en N&G en biedt een voorbereiding op universitaire studies in de sociale, economische en biomedische wetenschappen. De inhoud concentreert zich op toegepaste analyse, statistiek en kansrekening.

Wiskunde A bereidt de leerlingen voor op een (informatie)maatschappij, leert hen in verschillende situaties aan wiskunde gerelateerde aspecten te herkennen, te interpreteren en te gebruiken. Binnen wiskunde A ligt de nadruk op het zelfstandig toepassen en oefenen van wiskundige technieken, en op het volgen van complexere wiskundige redeneringen.

De onderwerpen bij wikunde A sluiten aan bij vervolgopleidingen (bijv. standaardfuncties en statistiek en de bijbehorende algebraïsche vaardigheden). Daarnaast wordt er aandacht besteed aan redeneren, argumenteren en leren kritische vragen te stellen, het stimuleren van een onderzoekende houding.

Wiskunde B

Wiskunde B is verplicht voor leerlingen die het profiel N&T volgen en een profielkeuzevak voor leerlingen in de andere profielen.

Wiskunde B bereidt voor op universitaire vervolgstudies met een exacte signatuur, zoals bètawetenschappen, technische wetenschappen en econometrie. Inhoudelijk ligt de nadruk op analyse en meetkunde, met ruime aandacht voor algebraïsche vaardigheden, formulevaardigheden, redeneren, bewijzen en toepassen in authentieke situaties.

Bij wiskunde B wordt de leerling geleerd om te abstraheren, logisch te redeneren en te bewijzen. Verder leert de leerling analytisch te denken en probleemoplossend te werken. Onder logisch redeneren en bewijzen vallen ook het geven van heldere argumentatie en het presenteren daarvan in een correcte wiskundige notatie. Bij analytisch denken en probleemoplossen kun je denken aan het vermogen om in situaties van toenemende complexiteit zelf te bedenken welke stappen gezet dienen te worden, te controleren of deze stappen bijdragen aan de oplossing en te beredeneren waarom de gevonden oplossing juist is of niet.

Wiskunde C

Wiskunde C kan alleen gekozen worden in het profiel C&M en bereidt voor op universitaire studies in de sociale, juridische, en taal- en gedragswetenschappen.

Het programma richt zich op algemene wiskundige en statistische vorming, in samenhang met de historische en culturele plaats van wiskunde in wetenschap en maatschappij. Wiskunde C bereidt leerlingen voor op een (informatie)maatschappij, en leert hen in verschillende situaties aan wiskunde gerelateerde aspecten te herkennen, te interpreteren en te gebruiken

Wiskunde C sluit aan bij universitaire vervolgopleidingen door de onderwerpen (zoals rekenen, algebraïsche vaardigheden en statistische vaardigheden), en door aandacht te besteden aan redeneren, argumenteren en kritische vragen te stellen, en daarmee een onderzoekende houding te stimuleren.

Bij wiskunde C ligt de nadruk minder op het reproduceren van technieken en meer op de functie, de cultuurhistorische rol en de waarde ervan in onze maatschappij.

Wiskunde D

Wiskunde D is een profielkeuzevak in het profiel N&T. Ook kan het door leerlingen die wiskunde B gekozen hebben opgenomen worden in de vrije ruimte. Wiskunde D biedt een verbreding en verdieping op wiskunde B. De verbreding omvat onder meer statistiek en kansrekening; de verdieping komt tot uitdrukking in onderwerpen uit technische en wetenschappelijke context, die aanleiding zijn tot formeel redeneren en bewijzen. Een deel van wiskunde D kan worden ingevuld in samenwerking met het wetenschappelijk onderwijs.

Wiskunde D is verbredend en verdiepend, maar het is niet noodzakelijk voor exacte vervolgstudies. Wel zullen leerlingen die wiskunde D hebben gevolgd beter zijn voorbereid op een technische universitaire studie dan anderen. Wiskunde D is een aantrekkelijk en uitdagend vak voor leerlingen die goed zijn in wiskunde.

Onderwerpen die aan de orde komen zijn onder andere: kansrekening en statistiek, analytische meetkunde, dynamische systemen (vroeger dynamische modellen ), wiskunde in wetenschap en complexe getallen.